1000-1999
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

1750 Leven na dood

LEVEN na de DOOD
Inleiding

Dit is een poging om een integratie te maken tussen het irrationeel maar diepgeworteld menselijk geloof in een vorm van individuele onsterfelijkheid, ondersteund door de christelijke (eig. oud-Egyptische) hypothese van de onsterfelijke ziel die na de heropstanding weer een lichaam zal gaan bezielen, de oosterse reïncarnatiehypothese (die ook al geformuleerd werd door Pythagoras, en later impliciet verweven zat in het Stoicisme), en de gegevens van de moderne wetenschappen anderzijds, die stellen dat er na de dood niets materieels van ons overblijft, maar toch enkele technologsiche mogelijkheden openlaten.

Deze integratie gaat er van uit dat al deze theorieën in wezen juist zijn, maar dat de concrete vorm wellicht onjuist is, omdat hij te eenzijdig is en ook te tijdsgebonden.

Deze wezenlijke elementen zijn o.m.

  • het bewaard blijven van een individueel ik
  • het totaal verdwijnen van alle materiële restanten van een ik
  • het doorgeven van iets essentieels naar de volgende generatie
  • het niet-bestaan van een tweede of bovennatuur
  • het evolueren van het individu naar verbeterde functioneringsvormen

Mogelijke technologische vormen van onsterfelijkheid

  1. er worden nu al mensen bevroren net vóór ze dood zijn, met de bedoeling hen te reanimeren als de wetenschap ver genoeg gevorderd is om hun ziekte of veroudering op te lossen.
  2. het verouderings- en sterfproces van ons lichaam lijkt grotendeels geprogrammeerd in de genen. Dit kan wellicht door de medische genetica ooit geneutraliseerd worden, temeer daar de lichamelijke dood sinds het einde van de biofase (we zitten nu immers al in de noöfase) geen noodzaak meer is. Het overwinnen van de dood is hoe dan ook het belangrijkste programmapunt van de geneeskunde, en die zal wellicht niet rusten voor het bereikt is.
  3. klonen is in feite geen probleem meer. We zouden dus op een bepaald ogenblik uit ons lichaam een identieke jongere kloon van onszelf kunnen laten maken. Het probleem dat onze kloon een andere persoonlijkheid zou hebben dan de onze kunnen we in de nabije toekomst wellicht oplossen door voor onze dood onze hersenen elektronisch te scannen, en de geheugeninhoud over te brengen naar de kloon die tot zijn volwassenheid in een toestand van narcose is gehouden.

Een betere oplossing? De Global Mind-hypothese

Global Mind mag niet verward worden met Global Brain.


Deze Global Brain-theorie past in het kader van de Gaia-hypothese van Lovelick en Margulis. Dezen observeerden, een beetje zoals Teilhard, een parallel tussen ons meercellig lichaam en de meermensige samenleving. Bloedvaten vergeleken zij met rivieren en wegverbindingen, de lever met fabrieken, de spieren met motoren, suiker en fosfor met benzine, zenuwbanen met telefoondraden en draadloze verbindingen, enz. Zij fantaseerden verder en concludeerden dat, zoals de aparte zenuwcellen een brein gevormd hebben met mogelijkheden die deze van de aparte zenuwen sterk overtroffen, de menselijke hersenen uiteindelijk een superbrein zullen vormen dat, samen met computers, de planeet omspant, die zich vanaf dat ogenblik als een bewust individu zal gaan gedragen, en interageren met andere planeten waar ook een Global Brain is tot stand gekomen. Belangrijk hierin is dat de individualiteit van de mens verloren gaat, zoals de individualiteit van de aparte hersencellen ook verloren is gegaan.


Deze theorie is wellicht verkeerd, omdat ze te simplistisch is, en met veel gegevens geobserveerd door Teilhard geen rekening houdt. Ze is nochtans erg populair, vooral bij wetenschappers, die helaas zelden beseffen dat we ons reeds op nivo 9 van de evolutie bevinden, en nog steeds denken dat we op nivo 8 zitten, de biologische evolutie, met de mens als een soort super-aap. De volgende stap zal er dan komen, althans volgens hen, door biologen en genetici, die via enkele technologische, genetische manipulaties van het hersenschema een soort super-mens, een hyper-aap dus, zullen tot stand brengen. Overigens had Hitler dat reeds geprobeerd rond 1940, door de natuurlijke selectie een handje te helpen om een über-mensch tot ontwikkeling te brengen.


De Global Mind-theorie, die beschreven wordt door Teilhard, gaat ervan uit dat de individualiteit van de mens uiteindelijk behouden blijft, terwijl alle individuen een geestelijke ontwikkeling meemaken die hen tot het hoogste niveau brengt, zodat ze uiteindelijk allen dezelfde visie zullen ontwikkeld hebben, en over eenzelfde geest beschikken. Dit proces wordt convergentie genoemd (Teilhards motto: "alles wat zich verheft convergeert", "ce qui monte converge", "what emerges merges"), hoewel hij ook de term Christogenese gebruikt. Teilhard beschrijft echter nergens de individuele onsterfelijkheid, of beter gezegd, spreekt de christelijke hypothesen daarover niet tegen.


Om dit beter te begrijpen kunnen we de menselijke Geest vergelijken met huidige computersoftware.

Bijna iedereen beschikt tegenwoordig over tekstverwerkingsprogramma, bv. Word. Dit programma is nog lang niet volmaakt. Voortdurend zijn er creatieve gebruikers die suggesties formuleren, en die naar Microsoft doormailen. Er zijn ook concurrerende programma's, elk met hun eigen kwaliteiten die in andere ontbreken, waar nieuwe ideeën in tot ontwikkeling komen die vroeg of laat door Word overgenomen zullen worden. Regelmatig verschijnen er nieuwe versies van Word. Het programma bestaat echter enkel in een computer. Nergens is er iets dat Word is. Zelfs uitgeprint op lange vellen zou dit programma niet leven. Het moet in een computer draaien om echt te bestaan. Stilaan evolueren al die versies en varianten van tekstverwerkers tot één enkele, volmaakt goede, die in alle computers aanwezig zal zijn.


Iets analoogs is m.i. aan het gebeuren met de menselijke geesten: door de steeds toenemende communicatie krijgen wij allen stilaan dezelfde basiskennis, dezelfde mentaliteit. De kwaliteiten ontdekt en ontwikkeld door sommigen kunnen door anderen overgenomen worden. Stilaan convergeert dus, zoals Teilhard beschreef, onze geest, tot wij uiteindelijk analoge (geen identieke kopieën) geesten zullen hebben. Dit is de Globale Geest, die nergens apart bestaat, alleen in onze hersenen. Wij allen kunnen op creatieve manier bijdragen tot de verdere ontwikkeling van die Geest: onze inbreng wordt overgedragen aan onze kinderen en leerlingen, aan de volgende generatie. En deze Geest is inderdaad onsterfelijk, want hij blijft bestaan, generatie na generatie. Jongere generaties nemen hem, via opvoeding en cultuur, in zich op, transformeren hem een beetje, en geven hem door aan de volgende generaties.



Een mogelijke vorm van individuele onsterfelijkheid?

Als je een primitievere vorm van Word vergelijkt met een latere vorm, dan bevat deze primitievere vorm al sommige functies, vele echter niet. Ook veel nuances ontbreken in de primitievere vorm. Je zou dus de primitievere vorm kunnen reconstrueren door bepaalde later toegevoegde functies (tijdelijk) uit te schakelen. Het programma zou zich dan identiek gedragen als zijn voorloper.


Iets analoogs kan je je voorstellen met een mens: als we later (een exemplaar van) de Geest reduceren tot iets primitiever, en hem voorzien van concrete gegevens typisch voor een toenmalige situatie, dan krijgen we die vroegere persoon terug, tijdelijk of langdurig, zoals men het wil.


Het medium waarin zulks geschiedt is bijkomstig. Dit kan een gekloond lichaam zijn, maar net zo goed een computerprogramma, al dan niet voorzien van een holografisch projectieapparaat, zodat die vroegere persoon echt of virtueel voor jou schijnt te staan. In de toekomst kunnen de concrete persoonsgegevens misschien bewaard worden in een databank. Maar ook van vroegere, reeds overleden personen kunnen de gegevens wellicht met een computer en een enorme databank gereconstrueerd worden.


Natuurlijk rijst de vraag: zullen die virtuele of quasi-reële reconstructies niet enkel schijnbare her-scheppingen zijn van vroegere overledenen, of zal die artificiële creatuur zich inwendig ook voelen als de vroegere persoon?

Veel zal natuurlijk afhangen van de kwaliteit van de reconstructie. Is het alleen een visueel beeld, dan zit er wellicht geen subjectieve psyche aanwezig. Maar is het een goede reconstructie in een zeer complex computerprogramma, dan zal dat programma zich inwendig voelen als een levend persoon, als die bepaalde persoon, die weer tot leven werd gewekt.


Om dit te begrijpen moeten we beseffen waarin het ik-bewustzijn zit. Het kan zeker niet in de continuïteit van de materie zitten, want alles in ons lichaam wordt om de zoveel maanden tot jaren vervangen door andere cellen, en binnen de cellen door andere moleculen. Niets blijft materieel identiek aan zichzelf. Ons identiteitsgevoel zit dus niet in de continuïteit van de materie, maar kan dus alleen zitten in de continuïteit van de herinneringen, dus van de geest. Iemand met bv. een zwaar hersentrauma met groot geheugenverlies is zijn identiteit kwijt.


Welnu, de verwachting is dat een voldoende complex computerprogramma, waarin alle herinneringen en huidige kennis van een persoon zitten opgestapeld en dat een beetje op dezelfde manier kan "werken", zich met recht en reden de voortzetting van een vroegere overledene voelt, zelfs al zit hij nu in een metalen of plastieken kist. De tijd tussen zijn fysieke dood en zijn herontwaken als computerprogramma of geconditioneerde kloon zal subjectief slechts een fractie van een seconde zijn, zelfs al is het objectief eeuwen of millennia. Als wij dus sterven zullen wij subjectief reeds enkele ogenblikken later dat herlevingsmoment meemaken.

Zullen alle overledenen later op die manier herboren worden? Ik weet het niet, maar ik geloof wel dat het kan.



Commentaren [Dirk Van Beveren 17 Nov 2005]

  • Is het menselijk bewustzijn (individueel bewustzijn) wel in staat om dat te 'kunnen dragen'?
  • Ligt een stuk van de waarde van ons leven en onze relaties niet ook in het feit dat elk moment enig en uniek is en niet meer terugkeert ?
  • Kan een bijna perfecte geest (bewustzijn) nog voldoende 'individuele levenszin' geven ]?


Besluiten

  • het diepe verlangen in ons met de bijna instinctieve zekerheid, dat we na onze dood op de een of andere manier zullen voortbestaan, is m.i. een combinatie van twee zaken:
    • ons dierlijk oersterk instinctief verlangen om te blijven leven; mocht dit streven er niet zijn, we zouden al lang zijn uitgestorven
    • de stille zekerheid van de Geest dat hij onsterfelijk is. En dat is hij inderdaad. En die geest dragen we in ons. Dus wij denken ook zo.
  • ik geloof dat er tussen de twee irrealistische extremen van elke mens blijft bestaan na de dood dank zij zijn ziel en er blijft niets van ons over, al de rest is naïeve illusienog een reeks mogelijkheden liggen die veel reëler zijn. Zelfs al blijken de hier gevormde hypothesen later naïef te zijn, dan nog zijn ze wellicht een hele stap dichter dan de twee primitieve uitgangspunten
  • bekeken vanuit deze hypothese zitten de twee religieuze hypotheses, de Egyptisch-christelijke en vooral de oosterse, er eigenlijk niet ver naast.
  • Plotinus' visie, gebaseerd op een (Alexandrijnse) integratie van de Egyptische en de Griekse filosofie, past eigenlijk het best bij deze moderne hypothese, op voorwaarde dat men ziel (pneuma, anima)geest (psyche, animus) en Geest (Logos) niet ziet als wezens of substanties, maar als abstracte begrippen en functioneringstoestanden, dus gehelen van informatie.


(Gecreëerd 1984 - Laatst bijgewerkt 12.03.13)