2000-2999
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

2340 Historiek

DE GESCHIEDENIS VAN
HET INTEGRATIEVE DENKEN


HISTORIEK

 

De reden waarom selectie als oplossingsstrategie zo populair is in onze cultuur is omdat het Westerse denken gedurende meer dan 25 eeuwen gedomineerd werd door de Aristotelische, tweewaardige (dualistische) logica, waarvan de syllogistiek de technische inhoud vormt. Een syllogisme is een redenering waarin de conclusie noodzakelijk uit de premissen volgt. Deze premissen zijn proposities die het uitgangspunt van de redenering vormen en waarvan met zekerheid kan gezegd worden dat ze als bewering ofwel waar ofwel onwaar zijn en dat op mutueel exclusieve wijze. Het al dan niet waar zijn van de conclusie volgt dan logisch uit de waarheidswaarde van deze premissen.

 

vb:  premisse 1: Alle mensen zijn sterfelijk

      premisse 2: Socrates is een mens

      conclusie: Socrates is sterfelijk

 

De conclusie in bovenstaand voorbeeld is waar als beide premissen waar zijn. De waarheidswaarde van de premissen is mutueel exclusief, wat betekent dat er slechts twee mogelijkheden zijn: een premisse is ofwel waar ofwel onwaar. Binnen dit paradigma richten alle intellectuele activiteiten zich dan op het zoeken naar argumenten om beweringen als waar te aanvaarden of als onwaar te weerleggen. 

 

Gedurende de Renaissance kende deze logica een heropleving, toen de Cartesiaanse, deductieve logica en het mathematisch denken als absolute vereiste werden beschouwd voor elke vorm van wetenschappelijk verantwoord denken. Tot in de negentiende eeuw was de syllogistiek zelfs het enige gehanteerde systeem binnen de logica.

 

Ondanks het feit dat deze benadering een grote bijdrage leverde aan de deductieve logica, is ze toch ontoereikend gebleken wat betreft de volgende expliciet of impliciet vermelde uitgangspunten:

  1. Er is geen categorie tussen waar en onwaar.
  2. Wetenschap en technologie boeken vooruitgang dankzij deductieve logica.
  3. Wetenschappen waarin geen exacte, experimentele procedures kunnen toegepast worden, zijn niet betrouwbaar en hebben niet meer waarde dan mythische verhalen.

 

Omdat de ontoereikendheid van deze traditionele wetenschapsfilosofische benadering op bepaalde vlakken van het wetenschappelijk onderzoek meer en meer aan de oppervlakte kwam, werden in de tweede helft van de twintigste eeuw verschillende pogingen ondernomen om de werkelijkheid op een meer holistische manier te beschrijven. Maar tot op heden ontbreekt een centraal paradigma die deze benadering eenduidig vastlegt. De integratieve benadering die aan de academie werd uitgewerkt, komt hieraan tegemoet.

 

Binnen het integratieparadigma vertrekt men van de assumptie dat geen enkele bewering volledig waar of onwaar is, waaruit de veronderstelling volgt dat er geen contradicties bestaan. Het Aristotelische uitgangspunt dat een bewering op mutueel exclusieve wijze ofwel waar ofwel onwaar is, houdt immers enkel stand binnen modellen die de werkelijkheid beschrijven. Modellen zijn echter per definitie vereenvoudigde voorstellingen van de werkelijkheid, wat steeds een verwaarlozen van factoren impliceert (reductionisme). Zo zal een lat van 1 meter nooit exact die lengte hebben. Eveneens is het exact voorspellen van de tijd waarin een trein een bepaald traject aflegt onmogelijk, omdat we nooit met alle factoren kunnen rekening houden die deze tijd beïnvloeden. Dit betekent dus dat hoe complexer de processen zijn die modellen beschrijven, hoe meer die modellen van de werkelijkheid zullen afwijken. Waar wij bijvoorbeeld nog vrede kunnen nemen met de benaderde reistijden van de trein, zal daarentegen het beschrijven van psychologische mechanismen met simpele modellen die slechts enkele factoren in beschouwing nemen, niet meer volstaan. Het integratieparadigma heeft daarom als derde assumptie dat een integratieve theorie meer plausibel is dan haar niet-integratieve elementen, omdat zij door het opnemen van deze niet-integratieve elementen steeds met meer factoren zal rekening houden.


HISTORISCHE VOORVORMEN


Integratie is een begrip dat stilletjes is gegroeid in de 18e eeuw, maar echt is doorgebroken in de 20 ste eeuw.


De integratieve methode was de klassieke wetenschappelijke manier van denken in de oude tijden. De oude filosofen en wetenschappers hadden immers niet de beschikking over de natuurwetenschappelijke middelen die pas vanaf de renaissance worden ontwikkeld, maar formuleerden desondanks toch merkwaardige en vrij exacte wetenschappelijke theorieën.


Vanaf de 18e eeuw begon men te spreken over thesis / antithesis  (Kant en Hegel). Later werd deze methode vaak intuïtief toegepast, en had dan namen als consensus, syncretisme, creatieve synthese (Shostrom), holisme (Apostel, Capra), Whiteheads heuristisch algoritme, enz.


Binnen de academie werden in de loop der tijd de volgende betekenissen aan het begrip 'integratie' gegeven:

  1. In eerste instantie gaat het om een theoretische invulling van het begrip bij het samenbrengen van verschillende theorieën binnen de psychologie (zie ook 0500).
  2. Op menselijk vlak is integratie synoniem voor een bepaalde manier van communiceren bij het oplossen van conflicten. De werkwijze die men hierbij dient te volgen, wordt hieronder uiteengezet.
  3. Integratie is eveneens een voorwaarde voor geestelijke gezondheid. Eerder werd al uitgelegd dat psychosen en neurosen kunnen worden verklaard vanuit een te sterk 'selectief' denken.
  4. Hierboven werd ook al aangegeven dat integratief denken een methode voor wetenschappelijk onderzoek is en dat in het bijzonder bij wetenschappen die complexe systemen bestuderen en niet over kwantitatieve gegevens kunnen beschikken, zoals bijvoorbeeld de psychologie (zie ook 0100).
  5. Integratie wordt ook als de essentie van het creatieve proces gezien.
  6. Op het vlak van de persoonlijkheidsontwikkeling is het beheersen van de kunst van het integreren noodzakelijk om bewust te kunnen groeien.
  7. Tot slot wordt het begrip in verband gebracht met de evolutie van de kosmos. Integratie is namelijk het meest fundamentele proces binnen deze evolutie (zie ook1710)



Recente metodes die naar integratief denken toeneigen is: kwalitatieve research, consensusdenken