4000-4999
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

4860 Temperamenten

TEMPERAMENTEN
EN TEMPERAMENTGERICHTE THERAPIE


Aan deze pagina werd o.m. gewerkt door Jan Vertriest, in het kader van zijn eindverhandeling, voorjaar 2005


Download Powerpointpresentatie, 8 Mb.


INLEIDING

“ Geef me de moed om te veranderen wat kan veranderd worden.

Geef me de kracht om te aanvaarden wat niet kan veranderd worden.

En geef me de wijsheid om het verschil tussen beide te zien “

Toen ik een paar jaar geleden deze woorden voor het eerst hoorde hebben ze me erg getroffen en zijn ze me steeds bijgebleven.

Ik was reeds sinds mijn jeugd geïnteresseerd voor psychologie en dit was de stimulus om er eindelijk iets mee te gaan doen.

Ik volgde een aantal cursussen en opleidingen rond intuïtieve ontwikkeling, communicatie, assertiviteit, bio-energetica, massage , reiki, sofrologie, cognitieve gedragstherapie,en NLP.

Dankzij de tip van een medecursiste begon ik aan het eerste jaar “ groeien als mens “.

Sindsdien heeft de psycrobe me niet meer losgelaten en heb ik met veel interesse genoten van de lessen, week-ends ,oefeningen en seminaries in de AIP .

Daarnaast heb ik veel gelezen rond de verschillende stromingen in de psychologie

en getracht deze te integreren.

Ik ben tot het inzicht gekomen dat mensen fundamenteel van elkaar verschillen en dus ook een specifieke benadering verdienen.

De kernvraag die ik me rond therapie geven stel is:

Welke weg is het meest effectief voor deze unieke mens met zijn specifieke problemen en in zijn omstandigheden? Wie is de ideale persoon om hem daarbij te begeleiden en hoe?

Welk nieuw gerecht kan ik klaarmaken, met alle mij bekende ingrediënten, voor deze specifieke persoon, zodat het smaakt, versterkt en moed geeft om te groeien naar geluk ?

Welke houding, ervaring en inzicht geeft de meeste kracht om te aanvaarden wat niet kan veranderd worden?

“ Geluk is een reis, niet een bestemming “ Deepak Chopra


BASISBENADERING

In mijn benadering van de mens ga ik uit van het “ bio-psychosociaal model “

http://www.coutinho.nl/getfr.htm?/uitgaven/0307.htm

Dit is een holistisch model dat alle richtingen van de psychologie omvat.

Het bio-psychosociaal model situeert zich binnen de algemene systeemtheorie.

De vierde “ ethische “ dimensie kan er omheen geplaatst worden.

Het bekijkt het menselijk gedrag vanuit een respectievelijk

- mechanistisch, organistisch en personalistisch mensbeeld

- klachtgericht of persoonsgericht

- oplossingsgericht of non-directief.

“ Het geheel is meer dan de som van de delen “


BEWUSTZIJNSNIVEAUS

Psychologie is een reis doorheen de verschillende bewustzijns- en belevingsniveau’s.

We starten bij de context en de wereld rondom ons en beklimmen als het ware een berg naar steeds hoger en hoger bewustzijnsniveau. Zodoende maken we stap voor stap het onbewuste

bewust. We gaan van het sociale, over het psychologische naar het biologische niveau.

Hoe onbewuster , hoe minder veranderbaar en hoe meer het sturend is voor het gedrag.

BIO ONBEWUSTE CONSTITUTIE fysiologie

CONDITIE energieniveau

STEMMING lange termijn welbevinden

ONDERBEWUSTE TEMPERAMENT aangeboren patronen

BEHOEFTEN fysiologische, zekerheid, sociale, erkenning en waardering, liefde zelfrealisatie

PSYCHO PERCEPTIE sensatie, emotie, cognitie,

doelen, motivatie, waarde, ethiek

VAARDIGHEDEN sterktes/zwaktes

BEWUSTE GEDRAG

SOCIAAL INTERACTIE relatie, communicatie

OMGEVING

Vaak denken we dat we rationele wezens zijn en dat we ons gedrag bewust sturen.

Even vaak echter laten we ons afdrijven op de onzichtbare stromingen van ons onderbewuste.

You don't chose your passion, your passion chooses you -- Jeff Bezos


DYNAMIEK

Wordt ons handelen bepaald door ons denken of door onze emotie?

Wat was er eerst, de kip of het ei?

Beter dan een eindeloze discussie is een geïntegreerde benadering van de 4 “G” ’s

De kip én het ei.

GEDACHTEN

GEWAARWORDINGEN GEDRAGINGEN

GEVOELENS

Verschilt deze dynamiek van persoon tot persoon?

Hoe komt dit?

Hoe ga ik daar best mee om?

Bij het bestuderen van temperament en persoonlijkheid kreeg ik hieromtrent een aantal inzichten die ik graag in dit proefschrift beschrijf.


BEPALING

In dit proefschrift bestudeer ik de mogelijkheid en de zin om in therapeutische context

rekening te houden met het temperament van de cliënt.

Enkele definities:

Persoonlijkheid bestaat uit karakter en temperament.

Karakter = het geheel van aangeleerde gedragingen en gewoontes,

vaardigheden , cognitieve en affectieve patronen.

( vgl. software )

Temperament = het geheel van aangeboren en constitutionele eigenschappen

en patronen

( vgl. hardware )


OMSCHRIJVING

Voor het maken van dit proefschrift heb ik me gebaseerd op volgende theorieën:

- CLONINGER : TCI = Temperament & Character Inventory

http://www.yenisymposium.net/FULLTEXT/2003(2)/ys2003_41_2_6.pdf

- MYERS – BRIGGS / JUNG : MBTI Myers-Briggs Type Indicator

http://mbti.pagina.nl/

http://www.thema.nl/default.asp?id=3107

- KEIRSEY : Keirsey temperament theory

http://www.keirsey.com

http://www.16types.com

- LEARY: Leary ‘s rose – interactiemodel

http://www.perco.be/leary/

- FREUD: functioneringsniveaus en groeimodel

http://psy.cc/4850.php

De bedoeling is om deze modellen te bekijken, te vergelijken en waar mogelijk een integratie te maken.

Voor de volledige omschrijving verwijs ik graag ook naar de websites, attachments en mijn bijhorende powerpoint presentatie.


TOEPASSING

“ Zelfkennis is begin van alle wijsheid “

“ Ken jezelf om de ander te kennen “

De bedoeling is drieledig:

1/ Jezelf beter te leren kennen.

= meer bewust te worden van je kern, je sterktes en zwaktes.

Ben ik goed bezig? Doe ik de dingen die mij het meeste voldoening geven?

Welke zijn mijn incongruenties - frustraties?

Wat is mijn tegenoverdracht?

2/ De ander beter leren kennen .

= op de meest empathische wijze luisteren

3/ Jezelf en de ander beter begeleiden in groei.

“eerst volgen, dan leiden”

- behoeften, noden, wensen, doelen, vaardigheden, gedrag

- interactie, communicatie

- aantrekking, vriendschap en relatie

- motivatie

- leermethode

- studie- en beroepskeuze

Elk van ons heeft zijn eigen temperament met dito sterktes en zwaktes.

Beide zijden moeten herkend worden en gerespecteerd voor wat ze zijn.

Er is plaats voor elk temperament, er is rijkdom in verscheidenheid.

Dit betekent dat we elkaar respecteren wat betreft wereldbeeld, behoeften, waarden, vaardigheden en gedragingen.

Dit betekent dat we samen inzicht zoeken, alternatieven bespreken en bijsturen wanneer dit gevraagd wordt.

Zonder voldoende inzicht in onze eigen persoonlijkheid, gaan we heel vlug de ander beïnvloeden volgens ons eigen model en levensvisie en trachten te veranderen naar ons beeld en gelijkenis.

Volgens de Griekse legende boetseerde Pygmalion met veel zorg en toewijding een beeld van een prachtige vrouw en werd er verliefd op. De ontgoocheling was groot toen hij zich realiseerde dat zijn ideaal geen mens van vlees en bloed was? geen vrijheid had

en hem geen liefde kon teruggeven…

http://keirsey.com/pygmalion/mirroroffiction.html

Vaak worden mensen vanuit hun omgeving vervreemd van hun eigen temperament.

( opvoeding, school, kerk, werk, relaties, rolpatronen )

Men wordt opgedragen iemand worden die men niet is. ( vb. studie, beroep, carrière )

Men blijft maar iets “ doen “ en vergeet te “ zijn “.

Men wordt geleefd.

Wanneer je als persoon niet kan leven volgens de noden van je eigen temperament

ontstaat er stress die na zekere tijd kan omslaan in depressie.

De verschillende temperamenten zijn op een specifieke wijze mogelijk slachtoffer van parentificatie.

Inzicht krijgen in je temperament en voorkeurgedrag kan bijzonder verhelderend zijn om nieuwe doelen in je leven te gaan stellen die bijdragen tot geluk.

De “ zelfverwerkelijking” is een universele behoefte doch verloopt op een verschillende manier voor de 4 temperamenten. ( zie powerpoint presentatie ).

Het groeien vindt plaats op twee niveaus:

Binnen het eigen temperament : “ spontane “ ontwikkeling volgens de eigen voorkeurpatronen verhoogt het fundamenteel zelfvertrouwen

Buiten het eigen temperament: “aangeleerde “ ontwikkeling = integreren van positieve aspecten van andere temperamenten

Zo vormt de mens zijn persoonlijkheid als complex gerecht met ingrediënten uit de verschillende temperamenten.

Het bewust worden van zijn eigen voorkeur interactiestijl (Leary) en dominante functionerings-niveau (Freud) maakt ruimte vrij voor groei en ontwikkeling.

De ideale therapie zal verschillend zijn naargelang het temperament van de cliënt.

Het aangrijpingspunt – de ingangspoort kan verschillen naargelang de persoon meer verstandelijk, affiliatief, sociaal of avontuurlijk ingesteld is.

Alle verschillende fasen worden doorlopen om uiteindelijk het “ ideaal “ na te streven:

de integratie.

Laten we het samen wagen en genieten van de reis:

groeien + bloeien = gloeien


CLONINGER

TCI: TEMPERAMENT & CHARACTER INVENTORY MODEL

C. Robert Cloninger ( 1944 - )

Head of Psychiatry; Professor of Psychiatry, Genetics and Psychology

Director, Center for Psychobiology of Personality

Washington University

Auteur van

Feeling Good: The Science of Well Being. 2004.

The Temperament and Character Inventory: 1994

http://psychobiology.wustl.edu/people/cloninger.htm

De TCI is gebaseerd op Cloninger’s “Psychobiologische theorie van persoonlijkheid”.

De vier temperamentschalen meten die aspecten van de persoonlijkheid die waarschijnlijk erfelijk beïnvloed worden, automatisch zijn, onbewust de leer-processen beïnvloeden en al vroeg in de kinderjaren geobserveerd kunnen worden. Ze zijn vrij stabiel in de tijd. Ze zijn echter wel beïnvloedbaar door drugs en anti-depressiva.

De drie karakterschalen verwijzen naar dimensies die op volwassen leeftijd tot volledige ontwikkeling komen, de persoonlijke en sociale effectiviteit beïnvloeden en het verwerven van een bewust zelfconcept.

De vragenlijst (240 items) kan niet alleen worden ingezet om normale gedragspatronen te meten, maar ook om te screenen op pathologie. De TCI geniet internationale bekendheid en er is veelvuldig over de psychometrische kwaliteiten van het instrument gepubliceerd.

De temperamentschalen zijn:

Novelty Seeking = NS = Prikkelzoekend

Harm Avoiding = HA = Leedvermijdend

Reward Depending = RD = Sociaalgericht

Persisting = PS = Volhardend

De karakterschalen zijn:

Self-Directedness = SD = Zelfsturend

Coöperativeness = CO = Coöperatief

Self – Transcendence = ST = Zelftranscendent

De TCI test meet de volgende deelaspecten:

http://www.datec.nl/tci/tci_testmodule.htm

Prikkelzoekend : ontdekkingsdrang, impulsief, extravagant, wanordelijk

Leedvermijdend : dwangmatig-piekerend, onzekerheidsangst, verlegen, kwetsbaar

Sociaalgericht : sentimenteel, intimiteit, afhankelijk

Volhardend

Zelfsturend : verantwoordelijk, doelbewust, vindingrijk, positief zelfbeeld, gewoontes

Coöperatief : tolerant, empathisch, behulpzaam, vergevingsgezind, gewetensvol

Zelftranscendent : zelfverliezend, natuurgericht, magisch-denken

De persoonlijkheid bestaat uit het temperament + karakter en is voor 50% aangeboren en voor 50% aangeleerd.

Al deze verschillende aspecten van de persoonlijkheid zijn in interactie met elkaar om ons aan te passen aan de ervaringen en vereisten van het dagelijks leven. Zij bepalen ook voor een stuk onze gevoeligheid voor emotionele en gedragsmatige stoornissen.

De integratie van karakter en temperament die tevoorschijn komt uit dit psychobiologische model zorgt voor een nieuwe dimensie in het begrijpen van onszelf en de mensheid. Het TCI model laat alle andere aspecten van alle psychologische en psychiatrische modellen bestaan maar negeert het gevecht tussen biologie en psychologie en vormt aldus een integratief geheel. Het geheel bevat ook een intermenselijke dimensie die ons toelaat te zien hoe een mens zijn leven ervaart als een integraal deel van het universum.

Al deze inzichten maken het mogelijk om een soort definitie en meetmethode op te stellen voor de manier waarop elk individu welbevinden en geluk ervaart.

Met dit model kunnen we een betere keuze maken om te zien welke therapie de meest geschikte is om iemand te begeleiden naar meer welbevinden en geluk toe.

= groei door verandering

We kunnen ook zien of therapie noodzakelijk is of gewenst of niet.

= groei door aanvaarding

Cloninger heeft ook de grote verdienste dat hij bewezen heeft dat er een verband is tussen de temperamenten en bepaalde neurotransmitters. De antidepressiva hebben dus een invloed op onze stemming en ons temperament.

Novelty Seeking = NS = Prikkelzoekend dopamine +

Harm Avoiding = HA = Leedvermijdend serotinine -

Reward Depending = RD = Sociaalgericht noradrenaline

Persisting = PS = Volhardend noradrenaline

Vb. bij depressie gaat het leedvermijdend gedrag de bovenhand krijgen en dit gaat gepaard met een tekort aan serotonine. Vaak is er ook een tekort aan dopamine en noradrenaline: men trekt zich terug in het oude vertrouwde en vermijdt sociale contacten.

Het temperament is dus wel aangeboren en stabiel in de tijd, doch ook afhankelijk van onze fysieke conditie en stemming.

Opmerking: de opleiding “ groeien als mens “ van onze AIP is volledig in lijn met dit model:

In het eerste jaar worden de bewuste aspecten van groei aangeleerd gericht op meer zelfsturendheid en coöperativiteit ( interactie en communicatie ) .

In het tweede jaar zijn de onbewuste aspecten van groei en symboliek gericht op zelf-transcendentie. De ganse opleiding is in de geest van Rogers volledig in respect voor elkeens persoonlijke temperament .


MYERS – BRIGGS / JUNG

MBTI Myers-Briggs Type Indicator

De meest gebruikte persoonlijkheidstest in de Angelsaksische wereld.

-Gebaseerd op C.G. Jung (1875-1961) “ psychologische types

-Ontwikkeld door Katherine C. Briggs en Isabel Myers (1897-1980)

registered trademarks of

Consulting Psychologists Press, Palo Alto, CA

http://www.capt.org

http://www.humanmetrics.com/cgi-win/JTypes2.asp

Brengt in beeld sommige van uw

-Voorkeuren

-Neigingen

-Eigenschappen

doch niet alle: “ de kaart is niet het gebied “

4 voorkeurschalen:

EXTRAVERSION - INTROVERSION waar haal ik mijn energie?

SENSING - INTUITION hoe neem ik informatie op ?

THINKING - FEELING hoe maak ik beslissingen ?

JUDGMENT - PERCEPTION hoe is mijn levensstijl?

Beide attitudes worden door iedereen gebruikt maar één van beide

geniet de voorkeur en is beter ontwikkeld. Geen van de attitudes is beter of slechter.

Beiden hebben elkaar nodig voor evenwicht.

Het overdrijven van een sterkte wordt een zwakte.

Door combinatie bekomen we de 16 persoonlijkheidstypes van de MBTI

Toepassingen: beter begrip van jezelf en de anderen

Studiekeuze

Leermethode

Werk & Loopbaanontwikkeling

Relaties

Teams

Opvoeding

Motivatie

Probleemoplossing

Therapie

Literatuur en websites:

boek : Lifetypes - Jane Kummerow, Sandra Krebs Hirsh ISBN90?.5871.393.8http://www.thema.nl

http://mbti.pagina.nl

http://www.16types.com

http://www.telospublications.com

test gratis online: http://similarminds.com/embj.html

en http://www.humanmetrics.com/cgi-win/JTypes2.asp


KEIRSEY

Meest populaire temperamentstest in de USA.

Ontwikkeld door de Amerikaanse psycholoog David West Keirsey (1930 - ),

professor aan de California State University.

http://keirsey.com/DWK.html

Auteur van “ Please understand me “ 1978 ( >2 miljoen verkochte ex. )

“ Please understand me II “ 1998

Werkte 20 jaar als therapeut op scholen en gaf daarna sinds 11 jaar opleiding aan therapeuten.

Is reeds bijna 50 jaar bezig met het observeren van menselijk gedrag.

Ik gebruik eveneens het studiemateriaal van de Amerikaanse psychologe Linda Berens

CEO van het TRI temperament research institute

http://www.tri-network.com/faculty/lindaberens.html

Auteur van o.a. “ Understanding yourself and others “ an introduction to temperament

http://www.telospublications.com

Keirsey zegt dat het karakter zich ontwikkelt vanuit het temperament via interactie met de omgeving. Hij ziet persoonlijkheid, karakter en temperament, als een vrij sterk voorgeprammeerde configuratie van samenhangende patronen, attitudes, gedragingen en acties. Iemands leven wordt in sterke mate bepaald en gestuurd door zijn eigen unieke en aangeboren temperament. Mensen zijn op dit punt fundamenteel verschillend van elkaar door hun typische mix van behoeften, waarden, vaardigheden en gedragspatronen.

“ Vossen zijn geboren om kippenhokken aan te vallen, bevers om dammen te bouwen, dolfijnen om samen dicht bij elkaar in scholen te zwemmen en uilen om alleen in het donker te jagen.”

Net als in “ de tovenaar van Oz “ van Baum:

Moed, zekerheid, hartelijkheid en verstand zijn de basiskenmerken van de vier hoofdtemperamenten.

Artiest, bewaker, idealist en rationalist verschillen fundamenteel van elkaar wat betreft hun behoefte tot zelfrealisatie en opbouwen van zelfvertrouwen.

artiest = vrijheid en plezier ( Freud )

bewaker = zekerheid en sociale status ( Sullivan )

idealist = eigen identiteit ( Maslow )

rationalist = macht en kennis ( Adler )

Geen is beter of slechter dan de ander. Elkeen heeft zijn sterktes en zwaktes.

Elkeen is schakel in de ketting van het leven.

Daarom is Keirsey bijzonder empathisch, begripvol en nederig in zijn benadering van de mens.

Hij schreef volgende tekst hierover als persoonlijk leidmotief doorheen zijn werk:

“ Zo de drummer, zo het ritme.”

“ Als jij niet wil wat ik wil, tracht me dan asjeblief niet te overtuigen dat wat ik wil verkeerd is.

Of als mijn overtuiging verschilt van de jouwe, houd dan even halt voor je mij tracht te verbeteren. Of als mijn emoties minder intens lijken dan de jouwe, hoewel we hetzelfde meemaken, tracht me dan niet te vragen me anders te voelen dan ik voel. Of wanneer ik doe wat ik doe en in jouw ogen faal, laat me asjeblief mijn eigen weg gaan.

Ik vraag je op dit moment niet dat je me begrijpt. Dat zul je pas kunnen als je bereid bent te stoppen met trachten me te veranderen in een kopie van jezelf. Als je me zal toelaten met al mijn behoeften, emoties en overtuigingen zal je jezelf toelaten om op een dag te begrijpen dat mijn levensweg misschien wel niet zo slecht lijkt, en eigenlijk de juiste blijkt te zijn – voor mij.

Samen met mij op pad willen gaan is de eerste stap om mij te begrijpen. Niet dat ik van jou verwacht dat je mijn weg als de ware weg voor jou aanvoelt, wel dat je niet langer geïrriteerd bent en ontgoocheld in mij omwille van mijn – in jouw ogen – verwardheid.

En op een dag misschien, wanneer je blijft proberen me te begrijpen, zul je ertoe komen me te waarderen omwille van mijn verschillend zijn en zul je in plaats van mij te veranderen deze verschillen trachten te bewaren, te beschermen en te koesteren.

Laat mij dan jouw echtenoot zijn, je partner, je ouder, je kind, je leraar, vriend of collega: om het even hoe we met mekaar in relatie staan, ik weet één ding:

jij en ik zijn fundamenteel verschillend van elkaar en we moeten allebei onze weg gaan, op het ritme van onze eigen drummer.”

David Keirsey

Na 2500 jaar wordt de temperamentleer in ere hersteld en wetenschappelijk bevestigd.

Het JOHARI venster is een middel om je persoonlijkheid en temperament te analyseren.


LEARY

http://www.perco.be/leary/

Leary ( 1920-1996 ), een lid van de “Kaiser Foundation” research group, heeft in 1957 een model ontworpen waarmee relaties tussen mensen ik kaart gebracht kunnen worden: de

"Roos van Leary". Dit model kan behulpzaam zijn voor het verkrijgen van meer zicht op het betrekkingsniveau.

Uit veel onderzoeken in de sociale wetenschappen naar menselijke relaties komen telkens twee hoofddimensies naar voren:

1. een dimensie rond controle, invloed en dominantie;

2. een dimensie rond intimiteit en affectie.

Dat wil zeggen, wanneer mensen met elkaar omgaan, speelt er enerzijds steeds iets van macht en invloed of het ontbreken daarvan en anderzijds iets van persoonlijke afstand of nabijheid.

De eerste dimensie betreft de mate waarin mensen invloed op elkaar uitoefenen. Aan het ene uiterste van deze dimensie vinden we "veel invloed" (macht, overheersing, dominantie en dergelijke), aan het andere uiterste "weinig invloed" (volgzaamheid, onderwerping en dergelijke). De invloedsverdeling tussen gesprekspartners kan dan ook verschillende vormen aannnemen. Wanneer de invloedsverdeling gelijk is, spreken we van een symmetrische relatie. Wanneer ze ongelijk is van een complementaire relatie.

De tweede dimensie betreft de vraag naar hoe persoonlijk of afstandelijk de betrokkenen met elkaar omgaan. Op deze dimensie gaat het meer om vragen van samenwerking of tegenwerking, sympathie of antipathie, affectie of afwijzing en alle varianten hiertussen. Aan het ene uiterste van de samenwerkingskant plaatsen we coöperatieve gedragingen als ondersteunen, helpen en assisteren; aan het andere uiterste allerlei gedragingen die juist afstand scheppen en tegenwerking impliceren.

Gaat de eerstgenoemde dimensie over de thematiek "boven of onder", de tweede dimensie gaat over "dichtbij of veraf" ofwel "samen of tegen". Leary heeft zijn model gebaseerd op deze twee dimensies: de "boven-onder" dimensie tekent hij verticaal, de "tegen-samen" dimensie horizontaal. (Zie figuur).

Met dit model kunnen we symmetrische en complementaire interacties beter aangeven. In principe zijn heel wat symmetrische en complementaire interacties denkbaar. Telkens wanneer gedrag uit een bepaalde sector, zeg leidend gedrag of agressief gedrag, beantwoord wordt met gelijksoortig gedrag, dus met eveneens leidend of agressief gedrag, is dit een symmetrische interactie. Telkens wanneer gedrag uit een bepaalde sector, bijvoorbeeld weer leidend of agressief gedrag, beantwoord wordt met gedrag uit de tegenoverliggende sector in de andere cirkelhelft, dus met afhankelijk of met opstandig gedrag, is dit een complementaire interactie. Uit onderzoek is gebleken dat de volgende complementaire patronen veruit het meest voorkomen in groepen:

- leidend-afhankelijk, en omgekeerd: afhankelijk-leidend;

- helpend-meewerkend, en omgekeerd: meewerkend-helpend;

- competitief-agressief, en omgekeerd: agressief-competitief.

Wat bertreft symmetrie komen de volgende patronen in groepen het meest voor:

- meewerkend-meewerkend ("samen"-"samen");

- afhankelijk-afhankelijk ("samen"-"samen");

- agressief-agressief ("tegen"-"tegen");

- competitief-competitief ("tegen"-"tegen").

Volgens Leary gelden twee belangrijke hoofdregels:

1. Symmetrie-principe: samen-gedrag lokt samen-gedrag uit en tegen-gedrag lokt tegen-gedrag uit.

2. Complementariteit: boven-gedrag roept onder-gedrag op en onder-gedrag roept boven-gedrag op.

Ofwel, in bovenstaande schematische weegave:

1. aanvallen lokt verdedigen uit, en omgekeerd

2. leiden lokt volgen uit, en omgekeerd

Wanneer je te maken hebt met lastige mensen dan is het niet altijd effectief om op deze natuurlijke manier te reageren op hun gedrag. Als je bijvoorbeeld te maken hebt met een competitieve dominante baas die onredelijk is ('aanvallen') dan kun je bij de natuurlijke reactie ('verdedigen') je eigen belangen wel vergeten.

De truc is om het initiatief om te draaien. Jij kiest je eigen gedrag en dan zal de lastige persoon volgens de Roos van Leary reageren.

Gelijk dominantieniveau maar tegengesteld samenwerkingsniveau.

Zie ook “ hoe gedragingen gedragingen oproepen “

http://www.rongen.com/nederlands/paradox/weerstand.htm

OVERZICHT VAN DE 8 SECTOREN VAN DE ROOS VAN LEARY

1. De sector Boven-Samen (BS).

zelfdefinitie: ik ben sterker, beter dan jij; Ik overzie "het"

definitie van de ander: jij bent zwak en hulpbehoevend

relatiedefinitie: jij moet naar mij luisteren

2. De sector Boven-Tegen (BT).

zelfdefinitie: ik ben beter dan wie ook, ik vertrouw alleen op mezelf

definitie van de ander: jij bent vijandig en zwak

relatiedefinitie: kijk naar mij en voel je minderwaardig

3. De sector Tegen-Boven (TB).

zelfdefinitie: ik ben kwaad, bedreigend

definitie van de ander: jij bent vijandig en machteloos

relatiedefinitie: wees bang voor mij

4. De sector Tegen-Onder (TO).

zelfdefinitie: ik ben anders dan anderen, ik heb niemand nodig

definitie van de ander: jij bent onbetrouwbaar, jij mag mij niet

relatiedefinitie: verwerp me, haat me maar

5. De sector Onder-Tegen (OT).

zelfdefinitie: ik doe alles verkeerd, het is mijn eigen schuld

definitie van de ander: jij bent bedreigend

relatiedefinitie bemoei je maar niet met mij

6. De sector Onder-Samen (OS).

zelfdefinitie: ik ben zwak en gewillig, ik heb hulp nodig

definitie van de ander: jij bent steviger dan ik

relatiedefinitie: jij moet mij helpen en leiding geven

7. De sector Samen-Onder (SO).

zelfdefinitie: ik ben vriendelijk, aardig en meegaand

definitie van de ander: jij bent ook vriendelijk en aardig

relatiedefinitie: zeg maar wat je wilt; ik ben tot alles bereid

8. De sector Samen-Boven (SB).

zelfdefinitie: ik ben evenwichtig, betrouwbaar en sympathiek

definitie van de ander: jij bent ook evenwichtig en sympathiek

relatiedefinitie: wij mogen elkaar graag

Recentelijk is inderdaad aangetoond dat het model samenhangt met stabiele persoonlijkheidseigenschappen.

We kunnen er dus met enige zekerheid van uitgaan dat ieder individu een stabiele voorkeur heeft voor een bepaalde stijl van interpersoonlijk gedrag. Hiermee wordt bedoeld dat bijvoorbeeld een 'vriendelijk' persoon, geobserveerd in een grote hoeveelheid situaties, zich opvallend vriendelijker gedraagt dan anderen in die situaties.

Sommige persoonlijkheidseigenschappen worden 'temperamentseigenschappen' genoemd, omdat het hier gaat om eigenschappen met een fysiologische basis. Het zijn vrij robuuste eigenschappen die een persoon al van kinds af aan kenmerken. Extraversie en emotionele stabiliteit zijn hier twee voorbeelden van. Temperamentseigenschappen hebben hoogstwaarschijnlijk een vrij sterke invloed op sociaal gedrag.

Verandering van interpersoonlijke stijl is niet zozeer gericht op het veranderen van persoonlijkheid als wel op het uitbreiden van het repertoire aan interpersoonlijke stijlen.

Deze gedragsverandering wordt soms als een moeizaam proces ervaren, vooral wanneer men bij het realiseren van bepaalde interpersoonlijke stijlen 'tegen het temperament in' moet handelen. Dit tegen- temperamentele gedrag is voor sommigen niet op te brengen, terwijl anderen het zonder al te veel moeite vertonen.

Het succes van verandering van interpersoonlijke stijl hangt dan ook af van het al of niet kunnen vertonen van tegen-temperamenteel gedrag.

Hoe voor een individu het 'verdragen' van tegen-temperamenteel gedrag uitvalt is vooralsnog niet voorspelbaar.


OP ZOEK NAAR INTEGRATIE

INTEGRATIE MBTI MYERS BRIGGS – KEIRSEY TEMPERAMENT

De temperamentleer van Keirsey kan benaderd worden als een integratie van de hoofdpatronen uit het MBTI model.

of

Het MBTI model kan bekeken worden als een differentiatie vanuit het temperamentmodel.

Het MBTI model is verhelderend om jezelf en anderen beter te begrijpen i.v.m. sterktes/zwaktes.

Het temperamentmodel is vooral interessant om te zien hoe de groei verloopt.

In onze tegenoverdracht zullen we onbewust de neiging hebben om aangetrokken te worden tot complementaire persoonlijkheidstypes. En minder tot symmetrische of gelijke types.

Nochtans zullen we wanneer we er niet op letten, onbewust trachten om onze eigen percepties te “verkopen” en de ander te veranderen naar ons beeld en gelijkenis…

INTEGRATIE MBTI MYERS BRIGGS – KEIRSEY TEMPERAMENT – CLONINGER TCI

Het temperament wordt door Cloninger bekeken als combinatie van neurotransmitters.

INTEGRATIE KEIRSEY – LEARY - FREUD

Het voorkeurgedrag van de 4 temperamenten geplaatst in het circumplexmodel van LEARY

INTEGRATIE CLONINGER - KEIRSEY – LEARY – FREUD

En uiteindelijk : alle modellen samen geïntegreerd.

Na 2500 jaar geschiedenis blijkt de temperamentleer nog steeds een interessante vertrekbasis om het menselijk gedrag te bestuderen.

Het MBTI persoonlijkheidsmodel van Myers-Briggs vertrekt vanuit psychologische functies en stelt van daaruit 16 types samen. De beschrijving van deze types is vaak heel treffend en herkenbaar en helpt ons om onszelf en anderen beter te begrijpen.

De temperamentleer van Keirsey vertrekt vanuit realiteitsbeleving en relatiebenadering en benadrukt vooral het patroon als geheel. Het is eveneens heel herkenbaar en geeft inzicht in groeifases en mogelijkheden.

Het TCI persoonlijkheidsmodel van Cloninger slaat de brug tussen de biologie en de psychologie en geeft een vrij accuraat beeld van de ganse persoonlijkheid met zijn temperamentseigenschappen en karaktereigenschappen.

Het Leary interactiemodel biedt inzicht in menselijk gedrag en communicatie en is heel practisch bruikbaar .

Het model van de functioneringsniveaus volgend Freud toont aan dat groei verloopt doorheen verschillende fases.

Al deze modellen zijn verbazingwekkend goed te integreren met elkaar.