9000-9999
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

9310 Synergie

SYNERGIE / CONSENSUS


INLEIDING

Synergie (Gr. syn- samen, ergo werken) is de aanduiding van een samenwerkingsstijl die de democratie overstijgt, d.w.z. de voordelen ervan bewaart maar aan een reeks nadelen remedieert.

 

OPMERKING

De populaire opvatting dat we, qua samenwerkingsstijlen, enkel de keuze hebben tussen dictatuur en democratie, tenzij we in de anarchie willen verzinken, is simplistisch, tendentieus en onjuist. Het bespreken en onderstrepen van de beperkingen van de democratie is dus niet noodzakelijk een pleidooi om terug te keren naar de één of andere vorm van dictatuur, fascisme of verlicht despotisme, maar eerder een eerlijke en constructieve poging om nog iets beters te realiseren, na de beide vorige stappen een volgende stap te zetten in de richting van het samenwerkingsideaal.


BEPALING

Synergie is een vorm van samenwerken, die door haar structuur een hoge efficiëntie toelaat, maar waarbij toch maximaal gebruik gemaakt wordt van de inzichten en ideeën die aanwezig zijn binnen en buiten de samenwerkende groep, en waarin ook alle deelnemers de grootst mogelijke motivatie vinden om mee te werken aan de verwezenlijking het gemeenschappelijk doel.


ANALYSE DER TRADITIONELE DEMOCRATIE

Bij het analyseren van de democratie moeten we onderscheid maken van het democratisch ideaal, en de werkelijkheid, die vaak veel minder ideaal is.

Het ideaal van de democratie is dat de gevoerde koers de mening van de meerderheid der betrokkenen weerspiegelt.

De meeste democratieën zijn echter niet meer dan wisseldictaturen: hoewel de leider en/of zijn medewerkers verkozen zijn, gedragen zij zich, van hun verkiezing tot hun vervanging, als autoritaire machtshebbers en gezagsdragers. Het uiterste geval is een autocratie, waar het bestuurslichaam een gesloten groep is die haar nieuwe medewerkers coöpteert en eventueel weer uitstoot al naargelang ze de politiek van de hoofdfiguur ondersteunen of niet. Voorbeelden: het Vaticaan, de Vrijmetselarij. Er wordt wel verkozen (bv. door het college van kardinalen), maar deze kiesgroep is zorgvuldig samengesteld op basis van de opvattingen der daarin opgenomen leden.

De vertegenwoordigersdemocratie, d.w.z. het niet meer kiezen voor ideeën (bv. door een referendum) maar voor vertegenwoordigers die niet noodzakelijk de mening huldigen van hun kiezers, is een eerste manier om in schijn een democratisch ideaal in stand te houden maar in werkelijkheid om een oligarchie, autocratie of dictatuur in stand te houden.

Het "getrapt" zijn van de democratie (d.w.z. besluitvorming niet door de "basis", maar door één of meerdere niveaus van "vertegenwoordigers") was in vroegere tijden onvermijdelijk door de gebrekkige communicatiemogelijkheden, maar is met de hedendaagse communicatie niet meer zo noodzakelijk als vroeger. Toch laat men de getrapte structuren bestaan, omdat er op die manier een belangrijke verschuiving mogelijk is van opvattingen, zodat de "democratische" opvattingen van de top in niets nog de democratische opvattingen van de basis weerspiegelen. Een andere manier van opinieverdraaiing kan gescheiden door onevenredige vertegenwoordiging, bv. elk dorp/stad/land, hoe groot ook, heeft recht op een zelfde aantal vertegenwoordigers, of partijen van 5% of minder worden uitgesloten, enz.

Overigens mag gesteld worden dat het democratisch ideaal -de wil van de meerderheid- een compromis is. Want een zeker aantal ervaringen spreken dat democratisch ideaal tegen:

  • een goed idee begint steeds als de overtuiging van een eenling of minderheid. Strikte toepassing der regels van de democratie leidt tussen tot stagnatie en achteruitgang (maar ook dit is geen argument voor autoritaire systemen).
    Een groot denker -ik ben zijn naam vergeten- zei zelfs eens: "als een bepaald idee algemeen aanvaard wordt, is het tijd dat ik naar een beter uitzie".
Vandaar dat in een democratisch systeem vooruitgang meestal maar optreedt in de mate dat een innovatieve leider in vertrouwen gevolgd wordt, of erin slaagt de democratische afspraken te omzeilen. Vooruitgang treedt maar op als er buiten het systeem, namelijk in concurrerende systemen, vooruitgang is opgetreden, die een duidelijke concurrentie vormt, zodat het democratisch systeem die mettertijd gaat overnemen.
  • een democratische stemming is vragen aan personen die in iets geen ervaring hebben toch hun mening te kennen te geven
    Een goede democratie zou moeten aanvaarden dat er beperkte experimenten plaatsgrijpen volgens werkwijzen die afwijken van de opinie der democratische meerderheid, opdat vooruitgang niet enkel afhankelijk zou zijn van concurrerende systemen die het beter doen.
  • uit de psychologie is duidelijk gebleken dat de slechtste houding bij het bestaan van twee of meer divergerende opvattingen de keuze is tussen één der mogelijkheden. Alle vormen van neurose en krankzinnigheid zijn te beschouwen als pogingen om een geslaagde keuze te maken.

Een democratie is dus veel meer een motivationeel compromis, waarbij de meerderheid de minderheid moreel onder druk zet, dan dat het garant staat voor vooruitgang. Dat democratie niet volledig correct wordt toegepast (dus bv. via getrapte vertegenwoordiging, via verkozen maar daarna eigenmachtige afgevaardigden-beheerders) is een onvermijdelijke compensatie om een democratie leefbaar te houden. De volksraadpleging verhoogt de mankementen van de democratie nog.


UITGANGSPUNTEN VAN DE SYNERGIE

  • Goede ideeën kunnen ook -en vooral- afkomstig zijn van mensen die niet aan het bestuur staan, maar dichter bij de praktijk.
  • Twee tegenstrijdig lijkende ideeën bijna nooit (in praktijk: nooit) een keuze tussen de twee (of meer) alternatieven rechtvaardigen, maar veeleer geïntegreerd moeten worden, want als men twijfelt tussen meerdere opties dan is dat bijna steeds omdat ze elk voordeelen maar ook anderen hebben. Een integratie is een poging om op basis van de voorliggende alternatieven een nieuw uit te werken dat (zoveel mogelijk) de voordelen der verschillende alternatieven in zich verenigt, en niet (d.w.z. zo weinig mogelijk) de nadelen.
Een synergie zal dus in de eerste plaats een reeks overlegstructuren omvatten, waarbij men streven zal naar integratie. Een uiteindelijke keuze dient maar ter bevestiging dat alle meedenkenden het gevoel hebben dat in de uiteindelijke integratie hun afzonderlijke inbreng bevredigend is verwerkt.
  • Het kwetsbaarste stuk van de synergie (die ook al bestaat in de democratie) is de hoge mate van zelfdiscipline die verwacht wordt van de deelnemers. Zelfdiscipline op twee niveaus:
    • besprekingen: de samenkomst goed voorbereiden, de eigen inbreng bevattelijk uitwerken, een grote psychische bereidheid om zijn afwijkende ideeën te vermelden maar ook om de inbreng der anderen te integreren met de eigen inbreng. De bereidheid tot een experiment over te gaan als er -bij gebrek aan ervaring bij de deelnemers van de samenwerkende groep-, en dit experiment voldoende lang vol te houden als het niet meteen lukt, en moeilijkheden en mislukkingen niet aan te wenden als verwijten of blijken van onvermogen of onbereikbaarheid
    • uitvoering: geestdriftig en spontaan mee te (blijven) werken aan de afgesproken projecten, en nieuwe inzichten intussen niet aan te wenden om zichzelf eenzijdig van zijn afspraken te ontslaan.
  • Een synergie veronderstelt dus ook geen leiderfiguur, zelfs niet verkozen. Hoogstens coördinerende functies en tijdelijke taakverdeling, zoveel mogelijk in rolpatroon, niet in hiërarchie.

Zie ook: 9509 optimale communicatie in de relatie